dinsdag 12 oktober 2021

“Kijk dan toch!” Jaqueline schatert bij het tonen van een zwartwit-foto van de prop- en propvolle etalage. Het heette toen nog Textielhuis Steketee. Ik zie degelijke shawls, even degelijke directoires, zakdoekjes, korsetten, tafellinnen, een peignoir, handdoeksets, een negligé te midden van plastic kinderpoppen en plastic bloemen. Het woord mode bestond nog niet.

 
Dat uitte zich later in de overkapping van de Lange Zelke, een nieuwe trend: in veel Nederlandse steden werden winkelcentra voorzien van glazen koepels en overkappingen. Jaqueline pakt een foto uit de jaren 60, waarin de Lange Zelke nog toegankelijk was voor verkeer. Zonder kap.

In dezelfde jaren verdwenen langzaam de klederdracht en de kap uit het dagelijks leven. De omschakeling van boerendracht naar burgerkleding was niet altijd vanzelfsprekend. Alexandra herinnert zich het beeld van een collecte: Het geld zat diep verstopt: diverse lagen lange rok gingen omhoog om bij het kleine beursje te kunnen komen. “Met het kapsel en het kleden waren de vrouwen zeker een uur bezig…”

Terwijl het straatbeeld veranderde, donker effen en zwart werd vervangen door kleurrijke prints en patronen, de rok voorzichtig een broek werd, verrezen in de binnenstad verschillende kledingzaken. En dan was daar in 1992 de overkapping, die voor nog meer winkelgenot ging zorgen…

De eerste dames die overgingen op gewone kleren, kregen verschillende jurken mee naar huis, zodat ze op hun gemak konden passen en wennen aan het nieuwerwetse. De coupeuses maakten overuren; één van hen lacht om de anekdote. Dat ze de komma niet had gelezen en ze -in plaats van anderhalve centimeter- een broek 15 cm had ingekort. De nadruk van het enorme assortiment kwam steeds meer op kleding te liggen. Uiteindelijk werd gestopt met de verkoop van het algemene textiel. Alexandra: “Toen waren ze eindelijk ook van dat ellendige balansen af met oud & nieuw. Al die bolletjes wol en klosjes garen!”

Momenteel staat de Lange Zelke “in de steigers” en wordt er druk gewerkt aan de nieuwe bestrating. En het gaat wat worden. Daar zijn de passanten het over eens. “Met die nieuwe steentjes en straks wat groen, wordt de Lange Zelke weer leuk!” beamen Els en een vriendin, vaste klanten van de winkel. Van modeshoppen online willen ze niets weten. “Waar word je nu zo goed geholpen met goed advies en gezelligheid dan ik de winkel?”

Dat zegt genoeg in het pleidooi voor winkelen in de Vlissingse binnenstad. Ik krijg van Alexandra en Jaqueline een brede en oprechte glimlach en o ja: ze gaan ook mee met de nieuwerwetse tijd. Op een tv-scherm in de koffiehoek lees ik een geweldige tekst: 

Trek iets positiefs aan; dat past atijd!





 

dinsdag 7 september 2021

IN THE PICTURE; BEN IK IN BEELD?

 “We kregen stempeltjes bij Keizer, de kruidenier in Havendorp. En als je stempelkaart vol was, mocht je rondom 5 december naar Alhambra; een feestelijke middag met de echte Sint, filmpjes, een goochelaar, dat soort dingen. En alles in de echte bioscoop!” vertelt Gerard. 

De winkeliers van de Vlissingse binnenstad dompelen zich tijdens de 23e editie van Film bij the Sea onder in een zee van film en sterren en brengen op een andere manier het winkelend publiek naar de bioscoop: in de periode 10-19 september is het filmsterren spotten in de binnenstad. Er zijn in de etalages van lege winkelpanden filmsets te bewonderen en kun je een selfie maken met je favoriete filmheld. En er is een goochelaar en een ballonnenman!



“Elvis, natuurlijk!” Gerard was eigenlijk te jong voor deze film – hij twijfelt; was het Live a little, Love a little?- In ieder geval veel mooie vrouwen met borsten enzo- maar hij werd toch‘stiekem’ binnengelaten, omdat een van de familieleden in de bioscoop werkte. “Ik schrok me rot toen de suppoost tijdens de film met die zaklantaarn recht in mijn gezicht scheen. Ik mocht natuurlijk blijven zitten, hoor”

Ook Mia schrok zich rot; het moet in hetzelfde jaar geweest zijn, in dezelfde Alhambra. Maar ze was te overdonderd en te verbouwereerd om er wat van te zeggen: “Mijn eerste bioscoopbezoekje was op m’n veertiende. Ik had ook mijn eerste vriendje. Spannend, samen naar de film. Nee, ik zou niet meer weten welke. Vanuit een paar rijen achter ons klauterde ineens een andere vent naar voren. Hij wilde naast mij zitten, heel stellig, niet voornemens om zijn plan te veranderen en stuurde mijn vriendje weg. Het bleek dat hij Mia al langer in the picture had. “We zijn uiteindelijk getrouwd.” En uiteindelijk ook gescheiden. Maar dat doen alle filmsterren, toch? 

De ondernemers van de binnenstad hebben er zin in. De VOC heeft voor iedereen een tas met filmmateriaal beschikbaar gesteld, dus de etalages en terrassen vormen -met het programma van Film by the Sea-  letterlijk het Cannes aan de Noordzee, Hollywood aan de Schelde en CCXL in Vlissingen! En met het waakzame oog: Live a lot, Love a lot!  

maandag 2 augustus 2021

DE AANTREKKINGSKRACHT VAN HET BELLAMYPARK

Over plekken in de stad die waren; plaatsen met een verhaal.
Verloren Vlissings verleden als het nieuwe schoonheidsideaal.



Verdikkeme! Ze zijn er dus tóch nog: van die Vlissingers die tegen de toerist zeggen dat ze beter naar Middelburg kunnen gaan. 

Ik sta al klaar -met in mijn hoofd de hele optelsom van al ons moois-  als twee fietsers uit Barneveld me vragen waar het centrum is. Ze waren zojuist misleid met uitspraken als: “dat hebben we hier niet, dan moet je naar Middelburg…”

De Barnevelders parkeren hun fiets, want ik vertel: alles is hier op loopafstand. En van die fietsen heb je meer last dan gemak. Het is namelijk marktdag. En bovendien kun je overal ergens gaan zitten. Zoveel leuke terrasjes; Kleine Markt, Oude Markt, Bellamypark… Ik geef ze een plattegrondje mee.

Kees, een Rotterdamse Vlissinger, tref ik op het terras bij de Dighter. “Ik was een ‘blik’, en hiertegenover had je de vrouwen die zich liggend staande konden houden. Doordeweeks moesten we verplicht in uniform, maar ’s weekends… De Vlissingse jongens hadden het niet zo met ons op.” Hij noemt een aantal ‘verboden’ kroegen. Het internaat voor de scheepjongens was om de hoek van het Bellamypark. “We konden ’s weekends op handen en voeten terug.” 

De enige echte dichter staat er met zijn rug naar toe, op een hoge sokkel. In de literatuurgeschiedenis wordt beschreven dat Jacobus eeuwig verliefd was. 'Proeven voor het verstand, den smaak en het hart'.

Mijn voorraadje plattegrondjes slinkt. Iedereen die bij mij voet over de hoge drempel zet, zal het horen: de bijzondere en verborgen plekjes in onze binnenstad, de fijne restaurants en terrasjes, de leukste aparte winkeltjes. En het is zo overzichtelijk. Ik citeer hier de meest gehoorde opmerkingen van toeristen die zich wel durven laten verrassen. En dat zijn er ook deze zomer weer veel!

Op hetzelfde terras op het Bellamypark raak ik aan de praat met Edith en Riny uit Zeist. Ze komen al jaren in Zeeland. Hun dochter woont in Middelburg. “Dat is echt een mooie stad, hoor! Maar de echte gezelligheid vinden we hier in Vlissingen. We moeten altijd even de zee zien. En daarna lekker genieten met een wijntje op het Bellamypark!”

Bellamy schreef over de liefde en wijn. In zijn geboortehuis zijn de woorden vereeuwigd: 
Liefde en wijn
'k Heb twee bronnen, die de voedsters van mijn jeugdig leven zijn:
'k Leef bij Fillis door de Liefde - op mijn kamer door den Wijn.

Dus, Vlissingers in eigen land: geniet van wat de stad u biedt en zoek dat ergens anders niet! En geef het door aan de gasten die het nog niet ontdekt hebben of zich lieten misleiden.

dinsdag 13 juli 2021

FEEST OP DE WERF

Over plekken in de stad die waren; plaatsen met een verhaal. 
Verloren Vlissings verleden als het nieuwe schoonheidsideaal.




Deze editie is geïnspireerd op Weg van de Willem Ruys, een voorstelling in het programma van Festival Onderstroom, afgelopen weekend.

Er zijn weer mensen op de geweest. Vlissingen bont, blauw, rood, oranje, geel en paars. En in het bijzonder op het Scheldeterrein met vlag en wimpel. De stad showt na lange tijd weer haar competentie: Vlissingen, gericht stad!

In het programma van het Festival Onderstroom sta ik oor in oor met onzijdig Bouwnummer 214. Ik luister naar z'n makers, naar de passagiers. En het werd uiteindelijk een jongetje: na te lang op andere fronten, maar op dezelfde Scheldehelling, werd hij als de Willem Ruysdirecteur, naar de in 1944 gefusileerde Lloyd-..

Het is feest op straat: verschillende hoeken stromen belangstellen richting Kop van Dok, Jan Weugkade, de Machinefabriek. Op zoek naar de zingeving, inspiratie en reflectie van het fenomeen straattheater. Al is het in kleine setting: Festival Onderstroom laat me beleven, leven en beven. Ik voel letterlijk de tewaterlating van de Willem Ruys in 1946. In het Polygoonjournaal uit dat jaar zie ik dat iedereen -die het zich kan permitteren- zich naar de nokken en daken begeeft: het mooiste uitzicht zonder natte voeten.                                                                           
De ingewanden van Bouwnummer 214 werden geboren in de Machinefabriek, die zich ook in deze editie weer als overweldigend decor manifesteert. De Willem Ruys kende uitstel en uitstel en evenveel gedaanteverwisselingen. De Machinefabriek deint mee in deze cadans, maar laat ‘m niet eindigen zoals de Achille Lauro:

december 2020 
Machinefabriek als monumentale parkeergarage en onderkomen voor bedrijven en festiviteiten
januari 2021
Geheime grote bedragen voor de Machinefabriek boezemen Vlissingse raad vrees in
Maart 2021
Vlissingen denkt voorlopig niet aan sloop van (delen) van de Machinefabriek.
juni 2021
De Vlissingse gemeenteraad zal nog voor het zomerreces een oordeel uitspreken over het opknappen van de Machinefabriek. 

Als er dan toch iets met de Machinefabriek gaat gebeuren… Laten we ‘m binnenstebuiten keren zodat iedereen het prachtige interieur kan zien. 

Laat ’t allemaal even betijen, voordat de Machinefabriek aan z’n laatste reis gaat beginnen. Een reis met het einddoel aan de eeuwigdurende horizon van de Schelde met meerdere malen per jaar deze kleurrijke uitspattingen. En een driewerf hoezee aan iedereen die met Festival Onderstroom dit weekend kleur aan het verleden gaf!

dinsdag 8 juni 2021

DE BAL IS ROND

Het zal vorig jaar rond deze tijd geweest zijn. In ieder geval na Pinksteren; toen de restaurants en de terrassen weer open waren. Terwijl ik in mijn atelier met een schilderij bezig was, rolde een oranje schuimrubberen bal naar binnen, gevolgd door een knulletje van twee jaar. Ik houd van kinderen en van voetbal, maar deze combinatie tussen al mijn verfspullen leek me gevaarlijk. Dus ben ik met het ventje in de Walstraat even gaan ballen, alwaar mijn taak al snel werd overgenomen door de vader van het jochie.

Binnenkort gaan we weer ballen! Oranje! 

 “Toen we in 2014 naar het WK in Brazilië gingen, hadden maar weinig mensen vertrouwen in het Nederlands elftal” memoreert Bart. “Tijdens de eerste wedstrijd tegen Spanje werd het al snel 1-0 achter. Maar voor de rust maakten we 1-1 en in de tweede de helft liepen we letterlijk over Spanje heen! De uitslag 5-1... Het feest wat daarna losbarstte was fantastisch. Er waren 200 mensen om te kijken en er kwamen steeds meer om feest te vieren... Toen iedereen naar huis was -moe maar voldaan- had ik nog 2 biertjes in mijn koelkast...”

 Vanuus is het sportcafé in de binnenstad en ik geniet van het spontaan gejuich als iets wint. Of het nu om een Grand Prix, etappe, set of een doelpunt gaat: dit zijn gezellige buren! Ik zie vaak bekende gezichten op het terras. Van supporters van verschillende grootheden tot onderwijzend personeel dat er van de vrijdagmiddagborrel geniet.

 Sinds 1896 is op dit plekje in de Walstraat een café gevestigd en in 1928 krijgt het de naam Amicus. Als Eddy van Dijke de boel overneemt in 1979 wordt de nieuwe naam Vanuus. Bart is sinds 2014 eigenaar. 

 Ria:“Ik kwam er vroeger, mijn kinderen kwamen er en ik denk dat de kleinkinderen er straks ook wel eens aanschuiven.” Anton heeft een eigen horeca-onderneming, maar is vaak met een biertje op het terras te vinden. “Als collega’s en vrienden help je elkaar een beetje, ook in de Coronatijd. Hij wijst naar binnen. “Kijk: ik heb ‘m geholpen met die kachel”. 

 Vanuus en ludiek gaan samen: verzin het om rondom Koningsdag een toer door de stad te maken met een mobiele tap. Terrassen verplicht dicht? Dan maar richting de klant. En deze stunt getuigde van die hard-oranje.

 En ja hoor! Een paar weken geleden zag ik het blonde knulletje weer in de Walstraat. Zijn balvaardigheid is het afgelopen jaar verbeterd en de terrasgangers daagden hem uit met wat kleine kleine oefeningen. 

 De oefenwedstrijden van onze mannen waren nog wel voor iets verbetering vatbaar. Maar dat betekent dat het alleen maar beter kan worden. En bij Vanuus wordt het hoe dan ook ballen en knallen! Genoeg bier, Bart?

 

 

dinsdag 18 mei 2021

VLISDINGEN & MISDINGEN DEEL 5 SINGEL

Over plekken in de stad die waren; plaatsen met een verhaal.
Verloren Vlissings verleden als het nieuwe schoonheidsideaal.

De doorlopende leerlijn: Singel

De Vlissingers zijn ineens unaniem positief: wat gaat het snel en wat wordt het mooi! Het gonst in het nieuwe Scheldekwartier en gefaseerd wordt de binnenstad groter.    



Hans staat in de startblokken: hij blijft evenwel in dezelfde straat, maar schuift een stukje door naar de Vesting. “Singel 270 wordt Singel 450!” vertelt hij trots. Hij verheugt zich op de nieuwe woning en nieuwe buren. “En de binnenstad met de gezellige kroegen op loopafstand; wat wil je nog meer!”

In verleden tijden bood de Singel plaats aan de verschillende bedrijfsscholen van de Koninklijke Maatschappij De Schelde. Eerst aan het eind, bij de Koningsweg, later om de hoek Singel/Van Dishoeckstraat. “We moesten onze fiets bij de hoofdpoort stallen en dan vervolgens het hele terrein over om bij school te komen!”

Peter herinnert zich: eerst je omkleden, overall aan en dan pas inklokken. Iedere werkminuut telde en als je te laat kwam, werd het ingehouden op je loon: 1 minuut te laat was 6 minuten minder weeksalaris. Dit kreeg je vrijdagsmiddags in een dichtgeseald doorzichtig zakje, zodat je precies kon zien dat het bedrag klopte: het labeltje met bedrag kwam overeen met de biljetten en de losse guldens. De werknemers van de kantoren kregen echter maandelijks hun loon in een bruine enveloppe. 

“Ja, er was zeker sprake van standsverschillen. Mijn vader werkte als beambte en droeg een pak. We kregen op een gegeven moment bericht dat we door mochten schuiven naar een grotere woning. Aan de Singel. Zo ging dat: dat werd voor je geregeld.” Het verschil tussen de beambten en de arbeiders. De beambten startten nadat de werknemers op de werf allemaal waren ingeklokt.

Het komt ook Aart bekend voor: Zuster de Priester regelde de huisvesting. “Ik kwam in 1970 vanuit den Haag bij de afdeling inkoop, had mijn oog laten vallen op een huisje in de Slijkstraat. Maar dat ging niet door; deze was voor een arbeider en niet voor een beambte!” Hij kreeg een  woning toegewezen aan de Singel, onder de Watertoren. Om deze te betrekken, moest hij wel eerst trouwen… 

Peter vertelt de prachtige anekdotes en herinneringen aan de Schelde door in de Oude Verbandkamer, nu Museum Scheldewerf. “Mensen willen verhalen horen. Feiten kun je overal opzoeken en gaan oor in en uit; die verhalen is wat de mensen echt interesseert. Het echte leven van de werf. Het liefst had ik  de lucht van de Machinefabriek in een pot bewaard. Om af en toe aan te ruiken.

Terwijl ik over de ‘nieuwe’ Singel wandel, kom ik Hans tegen. Hij toont me graag zijn nr. 450, bijna klaar voor de verhuizing. “Kun je niet een keer een tekening van dit nieuwe stukje Scheldekwartier maken?” Bij deze! 

In Museum Scheldewerf kunnen bezoekers nog veel meer beleven. Er is geen blikjeMachinefa-briek-geur. Maar zoveel documentatie, foto’s, relikwieën en liefde. “Ook van de bedrijfsschool hebben we heel veel materiaal”, vult Peter aan. Op korte termijn zal de Oude Verbandkamer een waardevol bezit in de het centrum zijn, omringd door de nieuwe binnenstad. Helpen we allen mee?


Op www.museumscheldewerf.nl leest u alles over het verhaal van de scheepswerf, de collectie, de mensen. Maar ook over de actie: zeg een bedrag toe en doneer later. Zodat we later niet kunnen zeggen dat alles in Vlissingen afgebroken is...



dinsdag 13 april 2021

VLISDINGEN & MISDINGEN, DEEL 4 HET BELLAMYPARK

 Over plekken in de stad die waren; plaatsen met een verhaal.
Verloren Vlissings verleden als het nieuwe schoonheidsideaal.



De editie 2000 heeft de meeste indruk op mij gemaakt. Anouk, BLØF… Zoveel bezoekers! Het mooiste Bevrijdingsfestival” Pieter werkte lange tijd in de horeca op het Bellamypark en probeert de sfeer van 5 mei 2000 te omschrijven. “Ik tapte bier bij Frapo’s en was de enige nuchtere aan het eind van de dag. Vlissingen was inmiddels een braaf stadje geworden. Zelfs met zoveel mensen op een dag. Het was gemoedelijk. Wat een goede sfeer!”

Wat de Koopmanshaven was, werd park. Ik herinner me de uitspraak van Frans. Ik leerde hem kennen in 2016, toen ik net in Vlissingen woonde en met het project Vlisdingen bezig was. “Het Bellamypark? Park? Allemaal roestbakken met bossen hooi!” Hoe mooi is het contrast met een zin uit een tekst vol herinneringen aan Vlissingen van Christiaan Feij: “…de kastanjebomen in bloei op het Bellamy, de muziektent en De Witte Ballons.” Ik blader door archieven en zie op zwart-witfoto’s de muziektent voor dit café, dat later de plek werd waar Pieter tapte.

We kijken uit naar de maand mei. En als ze er is, missen we haar in alle gradaties van vreugde, kleur en feest. Bevrijdingsdag gaat dit jaar digitaal. Dus extra fijn om even terug te kijken naar tijden waarin alles nog gewoon kon. De illustratie is een compilatie van allerlei feestelijkheden op het Bellamypark, variërend van een gymnastiekdemonstratie van de Vlissingse turnvereniging (toen mannen nog snorren en spieren hadden). En dit is tevens het toppunt van straatacrobatiek, lang, lang voordat Onderstroom werd geboren. En dan: die meiskes in 1929 in een schitterende kermisattractie met weinig PK’s. De kleurrijke tekeningen zijn gemaakt tijdens Bevrijdingsfestival en Onderstroom in de laatste jaren.

Ondertussen begint het bij de horacaondernemers te gonzen. Misschien, misschien eind april. De terrassen open? Annika heeft uit voorzorg heaters in de 8 parasols laten monteren, zodat gasten ook met minder warm weer behaaglijk van een hapje of drankje kunnen genieten. Bij een van de buur-restaurants klinkt vanuit binnen harde muziek. Er ontstaat zin in.

“Een echt park is het eigenlijk nooit geweest” zegt Pieter. Hij wijst richting de Nieuwendijk. “De ene helft -achter de voormalige Brugstraat die het park in tweeën deelde- was parkeerplaats, en deze kant was een modderpoel. Het deel lag feitelijk het halve jaar klaar om op 5 mei aangestampt te worden. De rest van het jaar was het niet meer dan wat struikjes en veel hondenpoep”.

Hij is trots op Vlissingen als bakermat van zoveel festivals en straattheater. De sfeer van de afgelopen jaren moeten we nog even missen. Geen feest en biertjes op 5 mei op het Bellamypark. 

Kijk op www.bevrijdingsfestivalzeeland.nl voor het programma, waar Pieter momenteel met vele anderen aan werkt. En de knallende kleuren van vrijheid bedenken we er zelf bij.



dinsdag 9 maart 2021

VLISDINGEN EN MISDINGEN, DEEL 3. DE ETALAGES IN DE BINNENSTAD

Over plekken in de stad die waren; plaatsen met een verhaal.
Verloren Vlissings verleden als het nieuwe schoonheidsideaal.

DE ETALAGES IN DE BINNENSTAD, daar zouden we iets aan kunnen doen…

“Dat waren nog eens etalages! Zes weken voor pasen begonnen we al. Mijn vader maakte honderden paaseieren.” Mariet laat een aantal kleurrijke foto’s uit de jaren 70 en 80 van de grote smulvitrine van Banketbakkerij Schoenmakers in de Kerkstraat zien. En ik zie de kleurexplosie: gevulde chocolade-eieren, paaskippen… Handgemaakte beeldhouwwerkjes van cacao, marsepein en ander suikergoed. “De winkel en het hele huis lagen vol met strikken, linten en kantwerk waarmee we de ambachtelijke paasverrassingen verpakten; de hele familie werkte mee”

Hoe een schijnbaar willekeurig plekje in de Vlissingse binnenstad ineens een letterlijk tweede leven kreeg. Dankzij de geschiedenis. En het nieuwe schoonheidsideaal in acht nemend: kom maar op! Ik laat me verleiden door het lekkers in de Kerkstraat van nu. En ik laat me inspireren. De Slag om de Schelde -de oorzaak van al dit moois-  in CCXL laat nog op zich wachten. En de restaurants, terrassen… Spontaan winkelen duurt nog even. 

Het is Kinderkunstweek. Het thema ‘Niet te eten! Voedsel in de kunst’ gebruik ik om onze binnenstad een kleurrijke boost te geven. De ondernemers -dicht of open- werken mee in deze win-win. Ze stellen hun etalages beschikbaar voor de eerste Kinderkunstroute van Zeeland, die primeurt in… Vlissingen!  

Carin woonde in de 70-er jaren in de Kerkstraat, tegenover bakkerij Schoenmakers. Haar vader had de houthal ertegenover. Ze haalden dagelijks om 6.30 uur harde broodjes. “Mijn zusje Eveline en ik mochten ieder jaar meehelpen in de kelder om de zakjes met paaseitjes te wegen, terwijl Mariet’s vader de mooiste paasfiguren maakte. Vlak voor het paasweekeinde mochten chocolade-eitjes zoeken in hun achterkamer.” Carin herinnert zich de etalages maar al te goed.

Yannick is één van de kinderen die tijdens de Kinderkunstweek een eigen variant op het thema taartjes en gebakjes heeft gemaakt, en trots op het resultaat. Nog trotser omdat zijn kunstwerk gedurende de hele maand maart in de etalage van de IJswinckel prijkt. 30 Locaties in de binnenstad en boulevard van Vlissingen fungeren deze maand als groot openluchtmuseum en podium voor de jonge kunstenaars. 

Mia van 6 kan niet wachten tot ze weet waar haar taart tentoongesteld wordt. “Ik wil er met iedereen heen om te kijken!” Anna van Brasserie Jong heeft een raam beschikbaar gesteld voor Zara en memoreert aan haar eigen kindertijd: “We hadden met de hele klas tekeningen gemaakt en die hingen allemaal bij mijn vader in cafe Soif. Zoiets vergeet je niet!”

Over etalages gesproken: Mariet heeft ondertussen de hare geheel ingericht in paasstijl: het cultureel erfgoed van de bakkersfamilie is de komende tijd te bekijken in de Walstraat, nummer 24. Als u dan toch een keer een rondje door de stad loopt om de hedendaagse taartcreaties van de kinderen in de Kinderkunstroute te bewonderen, loop dan ook langs de etalage van Mariet om even terug te gaan in de tijd. 

En verder al het goeds de komende weken, open of dicht. We moeten er samen wat van maken in de aanloop naar pasen. Laten we er in ieder geval kleur in houden!

maandag 8 februari 2021

VLISDINGEN EN MISDINGEN DEEL 2: PLEIN VIERWINDEN

Over plekken in de stad die waren; plaatsen met een verhaal.
Verloren Vlissings verleden als het nieuwe schoonheidsideaal.


Als ik het woord huishoudschool laat vallen, barsten de vriendinnen los. Corry: “Ik hield niet van koken -nu nog steeds trouwens niet- maar we moesten toen voor de leraressen de maaltijden bereiden. Onze worteltjes waren aangebrand en wat dacht je: ik heb zó uit het raam gegooid!” Ze schaamt zich er nog een beetje voor. Jannie slaat haar handen voor haar mond.

Plein Vierwinden in 2021: een mooi contrast tussen historische gevels en de twee hoogste kranen die Kop van het Dok uit de grond gaan trekken. Menig toerist ervaart dit pleintje altijd als geschiedenis, maar schijn bedriegt. De kale lindes staan als knoestige eeuwige arbeiders met hun mouwen opgestroopt, maar pas sinds eind jaren ’70. Menig Vlissinger weet echter dat de gevels uit de voormalige Kolveniersstraat komen, en nu op de plek waar voorheen de huishoudschool stond. 

Gesa is één van de leraressen van deze huishoudschool in het Groenewoud. De 50-er jaren: “Ik was amper 10 jaar ouder dan de meisjes…. Huishoudkunde, koken, wassen, strijken. De meisjes namen van thuis het was- en strijkgoed mee; en voor de kooklessen bestelde ik van te voren alle ingrediënten. En nadien werden alle laatjes gecontroleerd. Of al het bestek schoon was en op de goede plek lag. De theedoeken moesten met de bolle kant naar voren hangen.”

Discipline en netheid waren aan de orde. De worteltjes van Corry hadden zich helemaal kapot gelachen om de huidige opstandelingen, die uit onvrede binnensteden geweld aan doen. 

Gesa werd geboren in de toenmalige smederij, het pand voor de huishoudschool. “We speelden op de zolder met alle kinderen uit de buurt; mijn vader had boven het bedrijf een grote schommel gemaakt.” Ze zwaait met haar armen. Kijkend naar de oude zwart-witfoto komen de herinneringen weer boven. “Kijk, die bakfiets… En dat was toen onze auto!” En ook -bijna op dezelfde plek- de kranen die boven de huisjes in de toenmalige Rioolstraat uittorenen. Alleen iets minder hoog dan nu.

Tijdens mijn wandeling met de dames vult het pleintje zich met anekdotes en veel “oja!” En over hoe discipline en netheid je vormde.

Ik neem het goede voorbeeld en raap een vierkant servetje van de tegels, waarschijnlijk weggewaaid uit een take-awayhapje uit de Walstraat. “Open punt links boven” citeert Jannie, terwijl ze in de lucht met haar handen een theedoek vouwt.





dinsdag 12 januari 2021

VLISDINGEN & MISDINGEN DEEL 1 KETELMAKERIJ

 


Vlisdingen & misdingen

Over plekken in de stad die waren, plaatsen met een verhaal.
Verloren Vlissings verleden als het nieuwe schoonheidsideaal.

Jo fietst iedere week wel een keer over het terrein. Betonkisten, kranen, grondverzet. Kop van het Dok in aanbouw. Ook rest van het Scheldekwartier heeft hij zien groeien. “Handwerk is er amper nog bij. En het gaat razendsnel.” Hij wijst op Blok D van de Jan Weugkade, de Ketelmakerij.

Op de plek waar –na een brand- in 1882 een nieuwe machinefabriek verscheen (een ketelmakerij, smederij, kopergieterij en een scheepstimmerwerf) met Chrystal Palace-allure zijn de pas opgeleverde woningen aan de kade nagenoeg bewoond. Ze kunnen de goedkeuring van Jo dragen.

Als medewerker op de tekenkamer kende Jo de voormalige scheepswerf van binnen en buiten. “Ik ontwierp specialistische gereedschappen; ja, geen hamer of beitel, he? Dus ik kwam toen op alle plekken op het Scheldeterrein, omdat voor alle afdelingen speciale instrumenten gemaakt moesten worden”.

 

Kees is één van de bewoners van deze nieuwe Jan Weugkade, waar de woningen zich qua architectuur kunnen spiegelen aan en mogen knipogen naar de overkant, de voormalige zware plaatwerkerij. Indrukwekkende raampartijen in staal memoreren het industriële verleden. “Het gaat hier mooi worden!” Het grootste deel van zijn leven is hij Vlissinger en hij heeft alle facetten van de scheepvaart meegemaakt. Hij prijst zich gelukkig op deze plek. Het was een bewuste keuze om in de binnenstad te gaan wonen.

Hij ontvangt mij in de hoekwoning waar warme kleuren en prachtige schilderijen me omarmen. Voor iemand met een zeevaartachtergrond is de switch van Boulevard de Ruyter naar het Scheldekwartier wellicht ongebruikelijk, maar Kees en zijn vrouw genieten van de binnenstad. “Wat dat betreft zijn we stadsmensen! Alles lekker dichtbij, de sfeer van Vlissingen.” Hij herinnert zich de tijd dat de neuzen van de schepen boven de stad uitstaken, de tijd dat hij op de zeevaartschool zijn rangen haalde.

 De binnenstad van Vlissingen werd toen geregeerd door de toeter. Ook Jo neemt me even mee terug in de tijd. “Ik woonde in de Verkuijl Quakkelaarstraat en we gingen destijds tussen de middag nog naar huis om te eten. We hadden anderhalf uur tijd. Als de toeter na het middagmaal ging, wist je dat je nog tien minuten had om op de werf te komen.” Of hij de toeter in het Vlissingse mist? “Nee, maar ik kan ‘m zo weer horen. Zo was dat nu eenmaal elke dag... En het hoorde bij die tijd.”

Niet alleen Kees voelt zich in deze nieuwe setting helemaal thuis. Ik spreek een aantal jongere bewoners die de verhalen van Jo en Kees slechts als verhalen kennen, maar deze generatie is wel met het maritieme van Vlissingen opgegroeid. Een aantal is werkzaam in de hedendaagse shipbuilding en ervaart dit nieuwe stukje Vlissingen als stoer.

Tijdens de voorbereidende werkzaamheden voor het bouwrijp maken, kwamen de funderingsresten van de oude Ketelmakerij tevoorschijn. Museum Scheldewerf, de voormalige Verbandkamer, heeft in haar collectie een aantal prachtige foto’s van dit markante gebouw, waarvan -behalve een deel van de boogramen- helaas niets meer bewaard is gebleven.

Ik nodig alle Vlissingers uit dit historische deel van de binnenstad te komen bekijken. De nieuwe bewoners vertellen graag over het nieuwe en de vrijwilligers van Museum Scheldewerf graag over het oude!    

dinsdag 8 december 2020

DUBBEL SONNET

 De laatste column van het jaar. 



het bijzondere, verwarrende, frustrerende jaar 2020. Het jaar waarin iedereen zich gezegend voelde, zolang de gezondheid alles oversteeg. Het jaar waarin de Vlissingse ondernemers verschillende klappen kregen, maar steeds probeerden terug te slaan; het over een andere boeg gooiden of de bakens moesten verzetten. Maar ook het culturele en maatschappelijke leven kreeg een dreun: wat hebben we kleur, muziek, kunst binnen en buiten gemist.

Onderstaand dubbelsonnet schreef ik naar aanleiding van een positief bericht dat ik kreeg van één van onze ondernemers: 

“Zo mooi om te merken hoe goed we als ondernemers elkaar weten te vinden en willen ondersteunen. Even een telefoontje van je concurrent om te vragen of het nog wel gaat. Delen van succes en samen op zoek naar mogelijkheden. Hulde aan de alternatieve business zoals de online modeshows, private shopping, thuisbezorgen door kledingwinkels, van je restaurant een winkel maken, kerstpakketen verkopen i.p.v. bier schenken aan je gasten. Al die afhaalmenu’s...” 

Dus, voor iedereen die het verdient en zijn/haar best heeft gedaan, desnoods mijmerend aan onze waterkant: 


Op afstand staren de containerschepen

naar het doven van de lichten op de boulevard,

en ook de terugvarende viskotter neemt het waar.

Helaas hebben we allemaal maar al te goed begrepen


dat we machteloos stonden in het afgelopen jaar.

Maar de ondernemers zijn zo gauw niet kapot te krijgen

en proberen met noodoplossingen de boel te ontstijgen

en daarmee helpen ze zichzelf, maar nog meer elkaar.

 

Zoals de Scheldevloedlijn ritmisch komt en gaat

zal het tij voorzichtig moeten keren.

De stad en ondernemers wensen nieuwe regelmaat


met een balans tussen realiteit en realiseren.

De boulevard staat in haar nachtgewaad

de heldere sterrennacht te trakteren


op vele reflecties van het licht in de zoute zee.

Ruwe klauwen kunnen ijzer met handen breken;

dat had de vorige generatie al goed bekeken

en de mentaliteit groeide met de jaren mee.


Met een gelakte nagel kun je ook een snaar beroeren

met klanken zoet, een nieuw begin

en zachtkabbelende golven. De Schelde als een koningin

weet al eeuwenlang de schepen te vervoeren


naar een bestemming vol nieuwe kansen.

Laat ook ons genieten, wensen en hopen.

En zorg dat we samen vreugdedansen


maken in het nieuwe jaar. Een nieuwe start!

Misschien gaan er nieuwe deuren open

in ons aller toegankelijk Vlissings hart.


dinsdag 10 november 2020

LICHTPUNTJES

 Iedere maand op deze pagina het woord aan de outsiders die van deze stad houden: de tijdelijke werknemer, de toerist, de stagiair, de bezitter van een tweede huis, de immigrant: wie zijn het, wat intrigeert ze? Wat bezielt ze om hier te komen, te verblijven of zelfs te blijven?


Verdikkeme, het is weer die ongenode gast die roet in ons bestaan gooit. Het C-woord legt een deel van onze binnenstad nogmaals plat. Maar zoals we de eerste roetgolf overleefden, zien we nu ook weer lichtpuntjes. Een bestelde afhaalmaaltijd komt met de felle koplamp van een snelle scooter. De sfeerverlichting in de binnenstad doet haar best om de duisternis een warme gloed te geven.

Lucifer, de oorspronkelijke brenger van het licht, heeft ook al voor onze tijd een duivelse bijnaam gekregen en kan zich spiegelen aan het C-woord.

Ik besluit voor deze column met een zaklamp op pad te gaan, op zoek naar de binnenstadse ondernemers die met lichtpuntjes te maken hebben. En ze hun verhaal te laten vertellen. Onze ongenode gast gedraagt zich als een knijpkat in het nauwe duister, maar de Vlissingse ondernemers willen en moeten het C-woord overwinnen! 

Luc’s winkel is het mooiste en meest letterlijke voorbeeld van licht in de duisternis: zoveel soorten, maten en kleuren lamp sieren de etalage. En de altijd kritische Luc vult aan: “We moeten als ondernemers ons wel steeds gezamenlijk naar buiten presenteren: samen laten zien waar we sterk in zijn.”

In de Walstraat 68 is het een warm welkom, een kopje koffie, een luisterend oor. “En ook dat zijn in deze tijd kleine lichtpuntjes” zegt eigenaar Tonnie. Op de tafel liggen kadoosjes uitgestald. “De komende weken gaan we deze kleine geschenken -een bonbon, een kaarsje en een uitnodiging in een enveloppe- in de buurt rondbrengen. Dat zijn onze lichtpuntjes: de eenzame mensen met iets kleins en groots verrassen.” 

Cees straalt alsof zon en maan elkaar in de schijnwerpers zetten; daar heb je geen lucifer voor nodig. Cees verkoopt apparaten met knipperende lampjes en stekkers. De zaak verhuist binnenkort naar de schuin-overkant. “Dan zit ik meer in the picture, meer in het zicht!” En beter in het licht. En dan ziet hij ook zeker lichtpuntjes, zelfs in deze moeilijke tijd. 

Ik strijk de lucifer over de zijkant van het doosje en steek een kaarsje aan. Voor de eigenaren van de cafés,  waarvan sommige rouwadvertenties op de ramen hebben geplakt, voor de dichte deuren en de lege tafels in de restaurants. 

Laten we allemaal, samen, eens extra lief zijn voor de ondernemers in deze lastige tijd. Kijk in de koplampen van de bezorgbrommer of doe een take-away. Gooi eens, zoals Tonnie, een aardigheidje bij iemand in de brievenbus. Geef de lichtpuntjes door of zet iemand eens in de schijnwerpers! Dan kijken we vooruit naar betere tijden. 



zaterdag 31 oktober 2020

o k t o b e r o r a n j e #OKTOBERORANJE, iedere dag een tekening met oranje in de hoofdrol!



De laatste in de serie #OktoberOranje.
Hoe rond je zo'n project af? Ik dacht misschien aan enorme bos oranje bloemen om iedereen te bedanken voor de leuke reacties (in het bijzonder Emmy Leijnse 🧡)
Het is echter mijn uitzicht geworden, gisteren in de vroege avond, vlak voordat de lichten in de #Gevangentoren doofden. Wat woon ik op een prachtige plek. En wat schitteren er veel lichtpuntjes! Vooral in Vlissingen!





Op de een-na-laatste dag een brand ik mijn kaarsen. #Oktoberoranje begon als een vrolijk en opbeurend project: oranje lichtpuntjes in een druilerige, kille herfst. Ondertussen zorgen de corona-maatregelen wederom voor veel problemen. En is er ook nog zoveel ander groot en klein leed in de wereld...


Gruwelijk griezelige, grillige doch grappige (ze liggen echt in een deuk) gedrochten. Deel 29 #OktoberOranje !


Ze knallen je van verre tegemoet: de duindoornbesjes op de parkeerplaats van #Scheldemondcollege. Deel 28 #oktoberoranje.


En in het kader van Kleurrjk Vlissingen mogen deze zeker niet ontbreken. De meest gefotografeerde objecten van Vlissingen. Deel 27 #OktoberOranje


Deel 26 #OktoberOranje in het kader van Kleurrijk Vlissingen. Bellamypark 25.


Dag 24 van #OktoberOranje. Ik blijf nog even 'in de hofjes'. #Zeemanserve, alwaar ik gisteren 3 tomaten zag hangen...


 Met slechts 30-publiek een o zo bijzonder concert in de St. Jacobskerk. Rouh Tourat. Betoverend Arabisch-Andalusisch in een oranje gloed waarin deze betovering de kerk nog mooier kleurde. Een memorabele deel 25 #oktoberoranje


Op de 23e dag #OktoberOranje presenteer ik een bijzonder plekje, waarvan velen het bestaan niet weten. Hofjes hebben iets verborgens. Iets intiems en rustgevends. We kennen in Vlissingen #Zeemanserve, maar minder bekend zijn Hofje van Pauw, Hofje van Verre en het hofje achter de Korenstraat. Dit is het #Westdijkhof; ik kijk er dagelijks vanuit de keuken op.


Deel 22 #OktoberOranje. Schelpen in HB-potlood en een vleugje pastelkrijt.


Als je op het zaterdagmarktje Scheldeplein bloemen koopt, mag je een gratis plantje uitkiezen. Ik koos de lelie. En de knoppen gaan nu langzaam open. Dank Karin! Deel 21 #OktoberOranje



Deel 20 #oktoberoranje. H-potlood, HB-potlood, pastelkrijt. Souvenir van Hefswal: uien van het land van William Klijn.
Uit de oude doos/lappenmand: dessin uit de tijd van oma's gordijnen en jurk. Oma, Arjen, Opa Arie den Hartogh, Paula, Agnes en Tia. 1972, Uithuizermeeden, Hoofdstraat 252. In het kader van #OktoberOranje


Deel 18 #OktoberOranje. Mijn broer heeft ook een oranje sportauto. Branthracing op de brug voor de bandencheck.

deel 17 #OktoberOranje. Herfstbladeren. Pen, aquarel en kleurpotlood.




Op de helft! Deel 15 #oktoberoranje. Pompoensoep



Vanaf morgen weer door een kader kijken. Beperkt. Fiets met oranje bagagedrage (voor) voor Filiaal Vlissingen, met contrasterend blauwe pui. Deel 14 #oktoberoranje


Smaken verschillen.... Deel 13 #oktoberoranje.
Dealniettemin is deze altijd te bewonderen ergens in of rond de Breestraat.



#OktoberOranje part 12. Mandarijnen.


Deel 11: Oranje pompoenchili met kidneybonen en gele rijst. Omdat Francisca de meest originele en creatieve gerechten zonder vlees of vis maakt! Proeven bij Restaurant Solskin!


Raceboot.
Njord Balder, gisteravond 18.05 uur.


Ik kreeg van een tevreden opdrachtgever een hele mooie kaart. Naast het bedankje aan de binnenkant, stond links de tekst: "Omdat je iedere dag iets oranjes tekent, speciaal deze klaprozenkaart uit mijn collectie". Zo mooi! Dankjewel Marianne.


Deel 8 #OktoberOranje. Een spectaculaire verrassing tijdens het koken gisteravond: de magie van een spreeuwenzwerm. Wat een ongrijpbare schoonheid...


Bouwactiviteiten Kop van het Dok. #OktoberOranje. Oranje vooruitgang in de binnenstad. Een hele snelle aquarel.


In de serie #OktoberOranje. Speciaal overgevlogen uit Gioiella: de al vaker getekende melograni uit de tuin van #PodereSanLorenzo. Deze keer robuust in pastel en vieze vingers. Dankjewel Ans van Asten!

Deel 5 in de serie oranje oktober-items; om de boel wat op te vrolijken #OktoberOranje. Vanwege de wind overal in de stad; herfstbladeren. Dit exemplaar vond ik in de Gasthuisstraat.



Een strelitzia van de bloemenkraam op het zaterdagmarktje Scheldeplein. Wat een schoonheid voor € 2,-


Talens Ecoline, kleurnummer 311, vermiljoen.
Iedere dag een oranje tekening op A4. Om iedereen te inspireren met het moois in onze eigen omgeving.




Physalis uit de tuin van Bert en Bosje. Deel 2 in de themamaand #OktoberOranje. Iedere dag een tekening op A4, iedere keer in een andere techniek. Om iedereen te inspireren met het moois in onze eigen omgeving.